Sinds enkele jaren is Ditt. in toenemende mate op de grachten te vinden. Dit begon met de renovatie, de herontwikkeling en de inrichting van Keizersgracht 555, het imposante pand op de hoek met de Nieuwe Spiegelstraat. Sindsdien hebben wij voor een verscheidenheid aan opdrachtgevers op verschillende grachten mogen werken. In deze serie publicaties, ook te vinden in Ditt. Report 016, lichten we vijf projecten uit. Hier deel 3 van 5: Herengracht 475. 

Herengracht 475 wordt vaak “het mooiste gebouw van de Grachtengordel” genoemd. Voor Ditt. bestaat het voorlopig slechts op papier. Nog geen fysieke werkzaamheden, wél stimulerende ontwerpen en schitterende visualisaties. Vooral, omdat wij in onze eigen studio ook de monumentale aspecten perfect kunnen visualiseren, winnen de beelden aan overtuigingskracht en krijgen toekomstige bewoners een nog realistischer beeld van alle mogelijkheden.

  • Herengracht 475
  • Nuveen / NL Asset Management BV
  • 911 m2
  • Vraag: ten behoeve van de verhuur hebben wij diverse visualisaties gemaakt om de potentie van het grachtenpand beter te laten zien en zodoende toekomstige huurders te overtuigen.
  • Realisatie: Net als veel grachtenpanden over mooie stijlkamers. De verrassing zit in de kelder, waar nog ruimte is voor een gym of desgewenst zelfs een bar.

Historie van het pand

Huis De Neufville

Bij de uitgifte van dit stuk Herengracht komen naar verluidt vier kavels à raison van elk 8000 gulden per stuk, vandaag de dag een slordige half miljoen euro, in bezit van koopman Denijs Nuyts. Denijs is de zoon van de uit Antwerpen afkomstige en inmiddels in Amsterdam in goede doen geraakte Cornelis Nuyts, die samen met zijn broer David ook op de Herengracht in gebouw ‘De Koning van Polen’ een suikerbakkerij annex- raffinaderij runt. Denijs laat op zijn kavels in 1665 drie huizen neerzetten, een dubbel huis in het midden, twee enkele links en rechts. De huizen hebben strakke gevels, het middelste is 15 meter breed en versierd met festoenen plus een driehoekig fronton boven de middenpartij.

Het ene smalle pand doet hij van de hand, het andere schenkt hij in 1677 ter gelegenheid van diens huwelijk aan zijn zoon Adam.

De drie huizen in 1680

Festoen

In 1682 draagt Denijs Nuyts het middelste huis op nummer 475 over aan zijn zus Emerantia, die tot haar dood in 1721 eigenaar blijft. Haar erfgenamen verkopen het huis met alles d’r op en d’r an voor 70.000 gulden oftewel voor pakweg vijf miljoen euro aan Petronella van Lennep, die al sinds 1717 als huurster in het huis resideert. Zij is dan enkele jaren de weduwe van Jacob
van Lennep met wie zij in 1712 was gehuwd. 20 Januari 1733 treedt Petronella in het huwelijk met haar één jaar oudere volle neef Mattheus de Neufville. Om bij haar en haar drie kinderen te kunnen wonen doekt de gretige bruidegom zijn florerende onderneming in Londen op.

Mattheus de Neufville (links) en Petronella van Lennep met haar drie kinderen. Jacob van Lennep hangt aan de muur, de plannen voor de verbouwing liggen op tafel.

De jonggehuwden besluiten hun huis te onderwerpen aan een complete ‘make over’. Petronella heeft van haar vader het fikse bedrag van 900.000 gulden geërfd en geld speelt bij de plannen dus geen enkele rol. Jan van Logteren ontwerpt en realiseert de nieuwe voorgevel, Jacob de Wit draagt een plafondschildering bij, Isaac de Moucheron beschildert behangsels en panelen.

Een bergstenen lijstgevel met dubbele stoep, aan weerszijden van de ingang pilasters met een fronton in Lodewijk XIV-stijl, de middenpartij heeft kariatiden, bovenop het huis een balustrade met kuifstuk, waarin twee jongetjes aan een appelboom schudden, geflankeerd door twee liggende dames en twee hoekvazen, helemaal ‘on top’ een vergulde hemelbol.

Jacob de Wit, Plafondschildering – Diana keert terug van de jacht.

Isaac de Moucheron, beschilderde panelen

Dezelfde Jan van Logteren ontwerpt het monumentale trappenhuis en gaat daar helemaal los met een stoet aan beelden, de een na de ander geïnspireerd door de Romeinse mythologie.

Tekst loopt door onder de foto’s.

In het trappenhuis staat Apollo als beschermer van de kunsten in gezelschap van Venus en Adonis. Achter de balustrade boven musiceren in totaal zestien muzikanten. Tenslotte buiten een koets- annex tuinhuis (links onder) met Ionische zuilen, bustes en een reliëf met oppergod Jupiter. Petronella en Mattheus wanen zich in dit luisterijke decor, zo niet in de zevende hemel, dan toch zeker in de Mokumse dependance van de Olympus. Mattheus de Neufville sterft in 1743. Na Petronella’s dood in 1749 komt het huis aan haar jongste zoon Jacob Pieter de Neufville van Lennep. Deze komt samen met zijn vrouw om bij de beruchte brand van de schouwburg aan de Keizersgracht 11 mei 1772.

 

Midden: Christian Friedrich Fritsch, Uitslaande brand Schouwburg te Amsterdam gezien vanaf de Keizersgracht, 1722. Rechts: Frankendael, het ‘Tweede Huisje’ van Jan Gildemeester.

In 1792 krijgt de zaal een nieuw interieur. Opdracht daartoe geeft de nieuwe eigenaar Jan Gildemeester Jansz., die kort daarvoor voor 116.000 gulden in bezit is gekomen van het pand. Jan is tevens eigenaar van de buitenplaats Frankendael, nog steeds gelegen in Amsterdam-Oost. Hij maakt de zaal aldus geschikt voor zijn fabelachtige collectie schilderijen. Architect en uitvoerder was vermoedelijk Jacob Otten Husly (ook verantwoordelijk voor gebouw Felix Meritis).

Adriaen de Lelie, De kunstgalerij van Jan Gildemeester Jansz in zijn huis aan de Herengracht, 1794

(N.B.: Jan Gildemeester Jansz in het midden met grijze jas en zwart vest en pantalon. De plafondschildering en de deuren zoals te zien achter de schildersezel zijn bewaard gebleven en nog in het pand aanwezig.)

In de zaal met de behangsels van de Moucheron voegt Jan Gildemeester Jansz. een bijpassende wandschildering toe van Jurriaan Andriessen met allegorische vrouwenfiguren. Ook laat hij een schouw plaatsen. Hij verzamelde niet minder dan 300 schilderijen, waaronder werken van Rembrandt, Johannes Vermeer, Frans Hals, Jacob Ruisdael, Meindert Hobbema, Gabriel Metsu, Peter Paul Rubens, Pieter de Hoogh, en wat al niet meer, plus vele tekeningen en etsen. Zelfs het riante Huis de Neufville kan deze magnifieke verzameling niet bergen. Jan Gildemeester overlijdt in 1799.

In 1907 tenslotte verwerft de Hollandsche Sociëteit van Levensverzekeringen het huis, dat sindsdien als kantoor wordt gebruikt. Architect C.B. Posthumus Meyes past het gebouw in 1907 aan voor kantoorgebruik.

Zoals in de intro al vermeld, hebben we in dit pand (nog) geen verbouwing of nieuwe inrichting gerealiseerd. Wel hebben we meerdere designs gemaakt, om mogelijke nieuwe huurders een goede indruk te geven van de mogelijkheden in dit pand aan de Herengracht 475. Hieronder zijn deze ontwerpen te zien.